9 januari – Koppermaandag | Verloren maandag

Koppermaandag

De eerste maandag na Driekoningen staat in de boeken vermeld als Koppermaandag of Koppertjesmaandag. De Koppermaandag is eeuwen geleden ontstaan, in de eerste helft van de 15e eeuw wordt Koppermaandag al genoemd maar men vermoedt dat het al een veel ouder gebruik is.

Tot aan 1604 was het in Amsterdam de gewoonte om op Koppermaandag melaatsen in de stad toe te laten, zij liepen dan in optocht naar de Dam. Normaal gesproken kwamen lepralijders natuurlijk de stad niet in vanwege het besmettingsgevaar, dus Koppermaandag was echt iets bijzonders. Op deze speciale dag werd er geld ingezameld voor het, buiten de poorten van Amsterdam gelegen, Leprozenhuis en kregen de melaatsen een maaltijd aangeboden.

Als men vroeger zich te goed ging doen aan drank en spijs noemde men dat “aan het kopperen gaan”. En zo is de naam koppermaandag ontstaan, de melaatsen mochten “kopperen” in de stad.

Nieuwjaarsfeest

Rond het begin van de 18de eeuw vierden gilden traditioneel hun nieuwjaarsfeest op de maandag na Driekoningen. Na het voorlezen van de gildebrieven trokken de gildelieden de stad in om geld in te zamelen waarna men “aan het kopperen ging” met het opgehaalde geld. Het was een maandag waarop de ambachtslui niet aan werken toe kwamen en die je daardoor als verloren kon beschouwen. Tegenwoordig wordt de term alleen nog gehanteerd in de grafische industrie. Drukkers en uitgevers sturen vaak een koppermaandagprent om het nieuwe jaar in te luiden.

Verloren maandag

Verloren maandag of Verzworen maandag (Lundi Perdu of Lundi Parjuré) is een eeuwenoude puur Vlaamse traditie die op de eerste maandag na de eerste zondag na Driekoningen wordt gevierd.
In middeleeuwse akten spreekt men al over “Lundi Parjuré” (Verzworen Maandag), de dag waarop ambtenaren hun eed aflegden en er dus sowieso niet gewerkt werd. De dag kon je als “verloren” beschouwen en waarom dan niet lekker feesten ter ere van de eedaflegging? Om het voor de stad allemaal betaalbaar te houden, kreeg iedereen als traktatie een goedkoop vleesbroodje (worstenbroodje) te eten.

Vandaag eten we worstenbrood en appelbollen

Het is in Vlaanderen en vooral in de provincie Antwerpen de traditie gebleven om op die dag worstenbroden en appelbollen te eten. Over het ontstaan van deze traditie zijn allerlei verklaringen te vinden, van herbergiers die hun klanten trakteerden op gebraden vlees en brood tot aan arbeiders uit de Antwerpse haven die van hun baas een “feestmaal” kregen aangeboden. De appelbol is aan het gebruik toegevoegd voor de zoetekauwen onder ons.
 

Deel dit bericht

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.